
Terugbetaling thuisladen voor elektrische bedrijfswagens Delen
Wanneer een werkgever een elektrische bedrijfswagen ter beschikking stelt en de kosten voor thuisladen vergoedt, wordt dit volgens de minister van Financiën in principe beschouwd als een voordeel van alle aard. Dit betekent dat de terugbetaalde elektriciteit normaal belast zou worden.
Echter, als aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan, kan dit worden vermeden. De minister heeft altijd benadrukt dat de terugbetaling van thuis "getankte" elektriciteit moet gebeuren op basis van de daadwerkelijke elektriciteitskosten. Een vergoeding op basis van gemiddelde tarieven of de CREG/VREG-tarieven werd tot nu toe niet aanvaard.
Nieuwe tolerantie vanaf 2025
Om de terugbetaling van thuisladen eenvoudiger te maken, heeft de fiscus een circulaire uitgevaardigd die tijdelijk het gebruik van een vast bedrag per kWh toestaat, gebaseerd op het CREG-tarief. Dit geldt enkel voor elektriciteitskosten tussen 1 januari 2025 en 31 december 2025.
Voor eerdere periodes blijft de berekening op basis van de werkelijke kosten verplicht. Na 1 januari 2026 vervalt deze administratieve tolerantie, waarna de fiscus zal evalueren of een verlenging nodig is.
Voor het eerste kwartaal van 2025 gelden de volgende CREG-tarieven:
- Vlaams Gewest: 28,22 eurocent/kWh
- Brussels Gewest: 32,94 eurocent/kWh
- Waals Gewest: 32,56 eurocent/kWh
De terugbetaling wordt berekend op basis van het gewest waarin de werknemer of bedrijfsleider woont.
Voorwaarden
Deze tarieven zijn uitsluitend van toepassing als forfait voor het thuis opladen en niet voor publieke laadpalen
En hierbij enkel wanneer de vennootschap of werkgever:
- Naast de elektrische wagen ook een elektrische laadpaal of home charger ter beschikking stelt aan de werknemer of bedrijfsleider
- Deze laadpaal over een specifiek communicatiesysteem beschikt die registreert hoeveel elektriciteit er wordt verbruikt
- Voor werknemers de car policy voorziet in een terugbetaling van de opgeladen elektriciteit
De terugbetaalde kosten dienen logischerwijs opgenomen te worden als kosten eigen aan de werkgever op de jaarlijkse fiche 281.10 of 281.20.
Met deze tijdelijke regeling wordt de administratie rond terugbetalingen vereenvoudigd, wat zowel voor werkgevers als werknemers een praktisch voordeel biedt.
Terug naar overzicht